bloembollen

Bollen planten: bollenplantijd, bodemverbetering, en plantinstructies



Wanneer bloembollen planten?

Bollen worden geplant in de bollenplanttijd. Voor voorjaarsbloeiende bollen is dit september t/m half december. In de regel geldt dat hoe eerder ze geplant worden, hoe beter de bol aan zal slaan! Sommige soorten kunnen ook nog in het voorjaar geplant worden. Najaarsbloeiende bollen kunnen alleen in augustus en september geplant worden.  

Als u na ontvangst niet direct tijd heeft de bollen te planten kan het beste de doos opengemaakt bewaard worden, op een koele maar vorstvrije, droge en donkere plek. Sommige soorten verpakken wij in plastic: maak wat gaatjes in dit plastic zodat de bollen kunnen ademen en bewaar deze in de koelkast.

Bereid de plantplek voor in 3 stappen
1) Verwijder hardnekkig onkruid.
Plant u een nieuw stuk grond in? Verwijder dan bij voorkeur eerst hardnekkig onkruid. In een wilde tuin kunt u er ook voor kiezen de bollen juist te combineren met deze kruiden mits deze de bollen in het voorjaar niet overwoekeren.

2a) Bodemverbetering in een border en onder loofbomen en struiken
Werk organisch materiaal (het beste is bladaarde, of een oude composthoop) door de bodem. Licht spitten mag, maar beschadig zo min mogelijk bestaande wortels van bomen, struiken en vaste planten. Meng goed met de bestaande bodem! Als de bodem erg dicht is (met name op kleigronden) kan er per vierkante meter ook nog een aantal scheppen houtsnippers door de bodem verwerkt worden. Dit maakt de bodem luchtiger. Een luchtige bodem is belangrijk voor de groei van de bollen. Bij grote oppervlakken kunnen deze werkzaamheden natuurlijk met een frees gedaan worden.



2b) Bodemverbetering in een graslandje (gazon) of tussen een bodembedekker
Indien een bestaand graslandje wordt ingeplant kan er voor gekozen worden slechts per plantgat de bodem te verbeteren. Dit vergt tijdens het planten wat meer werk maar voorkomt dat het gras in zijn geheel afgeplagd moet worden. Voor inplant dient het graslandje van een 3 cm dikke toplaag bladaarde voorzien te worden, waarna de bodem belucht wordt met een gazonbeluchter met holle pijpjes (geen pinnen: deze verdichten de bodem). Hetzelfde geldt voor de inplant tussen een bestaande bodembedekker, laat echter hier het beluchten achterwege.

Indien een gazon erg hard is kan het toch beter zijn dit gazon (plaatsgewijs) af te plaggen, de grond te verbeteren zoals onder 2a omschreven, en vervolgens af te rollen met een voor 1/3 gevulde (niet te zware!) tuinwals. Vervolgens na inplant opnieuw inzaaien, want de bollen komen slecht door een bestaande dichtgroeide graszode heen.

3) Voeg kalk en bodemverbeteraars toe
Het is belangrijk bij iedere aanplant wat kalk toe te voegen. Één hand per vierkante meter is voldoende. Wij bieden een direct opneembare kalk aan (maërlkalk). Als u tuiniert op het zand meng dan ook kleimineralen door de bodem. Op zware klei kan basaltmeel door de bodem gemengd worden, en voor lichte klei (zavel) is zeoliet weer een goede bodemverbeteraar.

Bij de aanplant van stinzen- en verwilderingsbollen is het altijd goed wat bodemleven door de grond te werken. Worden de bollen is een pas aangelegde nieuwe tuingrond geplant? Het enten van bodemleven is dan echt onmisbaar. In nieuwe tuingronden is er namelijk nog (haast) geen bodemleven. Het produkt Biobodem zit vol met micro-organismen waardoor het bodemleven makkelijker op gang komt. Zodra de bodem een goed biologisch evenwicht heeft bereikt is Biobodem niet meer noodzakelijk.

4) Voeg meststoffen toe (niet bij Bosanemonen; A. ranunculoides en A. nemorosa)
Bij het planten van de bollen doet u er ook goed aan vinassekali aan de bodem toe te voegen. Vinassekali is belangrijk voor de vorming van bollen. Tevens zorgt vinassekali voor een betere afharding zodat de bol minder gevoelig is voor schimmel.

Daarnaast kan ieder voorjaar kan de meststof ECObloei gestrooid worden. ECObloei bevordert zowel de bloei als de vegetatieve vermeerdering van de bol. Hierdoor verwilderd de bol sneller. Ieder voorjaar vóór, tijdens of net na de bloei tussen de bollen uitstrooien geeft het beste resultaat! Maar meng ook gerust een kleine hoeveelheid ECObloei door de bodem bij het planten van de bollen.


Zorg dat de het grootste gedeelte van de kalk, bodemverbeteraars en meststoffen goed gemengd in de bodem tot 10-20 cm onder de bol (de wortelzone) komt te zitten, en let op de dosering. De dosering staat vermeld op de verpakking, of bij het product in onze webshop, in kg per m2.


Bloembol plantdichtheid
Met een goede bodemverbetering breiden verwilderings- en stinzenbollen zich van nature uit. De bolletjes maken bijbolletjes, en veel soorten zaaien zich ook nog eens uit. Wij raden dan ook af (in tegenstelling tot sommige andere bollen aanbieders) om véél bollen op een vierkante meter te planten, maar juist te planten met mate, en de natuur haar werk te laten doen. Als maatstaf kan bij de inplant 15 á 20 bollen per soort per vierkante meter aanhouden worden. Het effect van verwildering komt dan na circa 3 of 4 jaar. Wilt u het binnen drie jaar al voller hebben? Neem dan meer bollen per vierkante meter. Heeft u langer de tijd? Neem dan weer wat minder bollen.

Als meerdere soorten door elkaar geplant worden is het aan te raden niet meer dan 40 bollen per vierkante meter te planten: als op een vierkante meter teveel plantgaten gemaakt moeten worden is de kans groot dat een net geplante bol weer opgegraven wordt.

Wij gebruiken als vuistregel dat met totaal 25 bollen per vierkante meter een mooie betaalbare start gemaakt kan worden gemaakt voor bijvoorbeeld een nieuwe stinzenwei!


Bloembollen strooien
Voor het mooiste effect in het voorjaar is het belangrijk de bollen niét in rijtjes of dichte groepen te planten, maar ze op een natuurlijke manier te verspreiden. Strooi hiervoor de bollen uit over het plantvak. Met een brede armwaai, doe je alsof je Zwarte Piet bent! Daar waar ze vallen, worden ze geplant.
Het gevolg is dat sommige bollen met tien bij elkaar komen te liggen, en andere wat te ver uit de richting gerold zijn, met daartussen wisselende aantallen.

Toegeven: in bestaande beplantingen is het lastig de bollen terug te vinden. Ze uitstrooien raden we hier dan ook af, maar hou het "natuurlijke effect" bij het planten in gedachten!

Zonder smokkelen komt het natuurlijke effect van deze manier van planten prachtig tot uiting, zoals op deze foto met Spaanse hyacint (Hyacinthoides hispanica, stinzenwei op De Warande) goed te zien is!

Plantdiepte
Doorgaans kan een bol circa drie- tot viermaal de diameter van de bol (maar minimaal 5 cm diep én niet dieper dan 12 cm) geplant worden. De diameter van de bol staat hier gelijk aan de hoogte van de bol. Dit is dus niét de bolmaat zoals vermeld op de website. De bolmaat van de bol heeft niks met de plantdiepte te maken maar geeft slechts de omtrek van de bol aan.

Wortelstokjes worden circa drie cm diep geplant, horizontaal. Natuurlijk zijn er uitzonderingen. In dat geval wordt dit bij de beschijving van de soort aangegeven. Plantinstructies per soort zijn ook te vinden op http://www.bulbsonline.org. 

Tot slot..
In een los gemaakte bodem zal het makkelijk poten zijn. Gewoon met een kniematje onder de knieën en een klein schepje in de hand werkt het beste! Grotere bollen moeten soms met een spa geplant worden. Zorg dat bij elk plantgat de humus (in de vorm van bladaarde of compost) altijd gemixed wordt met de bestaande bodem. Dit is belangrijk omdat humus vocht vasthoudt. Als de bol met haar voetjes puur in de humus staat kan deze 's winters te nat blijven en gaan rotten.

Meer weten over bladaarde? Lees ons verzorgingsadvies.

Wij verwachten dat u met bovenstaande handreikingen een heel eind zult komen! Lees ook meer in onze ontwerp- en verzorgingstips of schaf het boek "Tuinieren met stinzenplanten" aan.

Als er nog specifieke vragen zijn, zijn wij het beste bereikbaar per e-mail: post@dewarande.nl